Klik op het plaatje voor de huidige positie van de Tampat Senang
Klik hier voor het gastenboek.
Zomaar verhalen van de schipper
Sluizen
Sluizen zijn de meest interessante locaties om u te informeren hoe het er zo aan toegaat in de watersport. Ik raad dan ook mensen, die op een mooie zomerdag eens niets te doen hebben, een jachtensluis te bezoeken. Het is gratis en het biedt enorm veel vermaak. Gewoon de picknickmand inpakken een inklapbaar stoeltje meenemen en aan de rand van de sluis gaan zitten. Vooral als er een flink windje staat is succes verzekerd.
Sluizen fungeren als een soort lakproef. Watersporters die hun schuit ogenschijnlijk zonder al te veel problemen over plassen, rivieren en wat ruimer water manoeuvreren vallen hier door de mand. In sluizen is enige vaardigheid vereist. Als men weet wat stroom en wind zoal met een plezierboot kunnen doen en als men enig basiskennis heeft van mechanica komt men er wel uit. Jammer genoeg, althans voor vele schippers, is deze vaardigheid en kennis vaak te weinig of in het geheel niet aanwezig. En dan valt er veel plezier te beleven op rand van de sluiskolk.
Ook bij het sluizenwerk zijn er een aantal standaardtypes schippers te herkennen. Zo zijn er de twijfelaars, de vastberaden en de uitgerekende types.
De twijfelaars zien bij het invaren van de sluis veel beren op hun weg. Zij hebben geen doel en geen plan. De schippersvrouw staat enigszins nerveus op de plecht met een pikhaak en lijntje in haar handen en uit ervaring weet zij dat het deze keer ook faliekant mis zal gaan. Zij heeft dan ook een ongelukkige en gespannen blik in haar ogen. De schipper vaart veel te langzaam de sluis in en zorgt ervoor dat al de schuiten achter hem stil komen te liggen en hopeloos verwaaien ... maar dat ziet hij niet, hij heeft andere zorgen. Met kloppend hart probeert hij een beslissing te nemen waar en aan welke kant hij tegen de muur van de sluiskolk aan zal kruipen. Na vele bange minuten neemt hij toch een beslissing en parkeert zijn vaartuig zo goed als voorin de sluis. De sluiswachter wordt daar niet blij van en maant de schipper verder naar achteren door te varen. De schippersvrouw heeft inmiddels haar kans gezien en probeert een lijntje door een ring halen. Jammer genoeg was dat lijntje niet zo vakkundig opgeschoten en het zit al hopeloos in de war voor zij het helemaal door de ring kan trekken. Het stukje lijn dat wel door de ring is gegaan heeft zij vakkundig over en door de zeerailing geweven.
De schipper, hevig geschrokken door de luidsprekerstem van de sluiswachter besluit toch maar verder door te varen en geeft gas, niet een beetje maar ……. Full speed. Nu zijn de rapen gaar. De handen van schipperse op de voorplecht worden in snel tempo naar de ring getrokken en in volle paniek roept zij: “STOP” Maar het is te laat. Haar macraméwerkje wordt ramvast in de ring getrokken en het scheepje stopt abrupt. Een akelig schurend en krakend geluid klinkt door de sluis als de voorsteven zich in de betonnen sluismuur boort. “Henk .... kijk uit!!” roept de schipperse. “Los!!" roept Henk ……. “losgooien!!” Dat gaat natuurlijk niet een twee drie. “Het touw zit vast !!” roept de schipperse in paniek. De schipper slaakt met een rood hoofd een welgemeende verwensing aan het adres van zijn echtgenote, laat zijn roer in de steek en rent in volle paniek door het gangboord naar voren. Dat is niet verstandig van hem want door smalle gangboorden rennen is gevaarlijk. Daar zijn allerlei rails vastgeschroefd en er liggen schoten, schepnetjes en allerlei rotzooi waar de kinderen zich mee vermaken. 10 tegen 1 smakt de schipper dan ook op zijn platte bek. Hinkend en vloekend op de voorplecht aangekomen rukt hij het lijntje uit de handen van zijn vrouw en begint er verwoed de knopen uit te peuteren, intussen de schipperse uitfoeterend dat hij als zo vaak heeft gezegd dat zij beter op moet letten. De schipperse laat het er niet bij zitten en brengt hem aan het verstand dat zij er wel genoeg van heeft en dreigt met een acuut vertrek. Zij formuleert dat ongeveer zo: “Val godverdomme onderhand maar dood met je vuile pokkeboot. Ik heb er schoon genoeg van ... ik kan toch nooit iets goed doen ... ik ga naar huis”. En waarlijk beste lezer, ik heb het gezien dat zo'n mevrouw zonder verdere discussie acuut via de ladder in de sluismuur van boord verdween. Kostelijk toch?
De vastberaden types hebben net als de twijfelaar ook geen plan of doel maar handelen op een doortastende manier van: Wie niet waagt die niet wint. Met een flinke schuimende snor voor zijn schuit dendert hij de sluis in en richt zijn boot op de deuren aan het einde. Enige meters voor deze deuren gaat hij van volle kracht vooruit naar volle kracht achteruit. Daarbij houdt hij geen rekening met het moment van de schroef. In een gunstig geval ligt hij bij het tot stilstand komen dwars in de sluis. In een ongunstig geval, als er bijvoorbeeld nog wat stroom in de sluiskolk staat, ramt hij de deuren. Het laatste is natuurlijk het meest spectaculair. Ook hier roept de schipperse “STOP” maar dat helpt niet meer. Sluisdeuren zijn heel erg dik en sterk. Sluiswachters maken zich daarom meestal niet heel erg druk als er zoiets gebeurd. Wel maken zij vaak gepaste opmerkingen door de luidsprekerinstallatie in de hoop dat de ramschipper er misschien iets van leert.
Met de wind op de kont, zoals men dat uitdrukt, is het zaak om de boot eerst achter vast te maken in zo’n sluis. Veel schippers zijn daar niet van op de hoogte. Deze lieden ervaren hoe snel een schuit van een sluismuur weg kan draaien als het een beetje waait. Op zich is het natuurlijk allemaal niet zo erg. Ik adviseer de schippers die dit overkomt niet als een idioot te proberen de situatie te herstellen, dat gaat toch bijna niet. Terwijl u probeert te draaien komen er allerlei andere schepen voorbij en het geeft nog meer verwarring als u daar dwars voor gaat liggen. Gewoon blijven liggen en niets in uw gezicht tot uitdrukking laten komen wat op onzekerheid of schaamte lijkt. Trek een pokerface en doe net alsof u altijd andersom in sluizen ligt. Als de schutting achter de rug is laat u iedereen voorbij, maak een rondje en verlaat de sluis. U moet dan natuurlijk wel kunnen rekenen op het geduld en de sympathie van de sluiswachter. Als hij de andere kant al in laat varen terwijl u net bent gedraaid wordt de zaak uiteraard nogal gecompliceerd. Vooral niet boos worden want u zorgt voor ongekend vermaak bij de toeschouwers.
Persoonlijk ben ik niet erg gecharmeerd van de uitgerekende types. Dat zijn de schippertjes die de gemakkelijke weg kiezen en hun kans afwachten om in sluizen bij iemand langszij te gaan, de z.g.n. aanliggers. Zij maken niet aan de sluismuur vast maar aan uw schip. Da's vooral handig tijdens het schutten op regenachtige dagen. Terwijl u drijfnat lijntjes laat vieren of inhaalt tijdens het stijgen en zakken van het water in de sluis zitten de aanliggers in de kajuit koffie met Beerenburgers te drinken. Deze lieden zijn vaak erg goed in een perfecte timing en tonen een ongekend inzicht. Precies op het moment dat je zeilmaat op de voorplecht een boldertje bereikt en je nog een beetje voor of achteruit moet schutteren om er ook een te pakken te krijgen hoor je ineens naast je:"Kunt u even mijn lijn aanpakken?" Als ik in goede stemming is mijn reactie op zo'n verzoek steevast: "Maar natuurlijk .... wilt u dan in de tussentijd de mijne even aanpakken en vastmaken?" Als ik wat chagrijnig ben is mijn reactie meestal: "Zie ik er verdomme uit als Houdini?"
Erg vermakelijk zijn ook schippers en andere opvarenden van jachten die als zij eenmaal contact met een bolder in of op een sluismuur hebben deze ook nooit meer loslaten. Zij werpen een lijn om een bolder trekken deze zo strak dat je er moeiteloos vioolmuziek op kan spelen en laten geen inspanning achterwege om te trachten de bolder uit de muur te trekken. Het ziet er uit als een worstelwedstrijd. Volgens mij is deze methode gebaseerd op angst. Degene die dat op de voorplecht flikt maakt het de man achter aardig lastig. Zij trekken de schuit zowat dwars in de sluis en het lijntje achter bereikt dan niet zo gemakkelijk de muur. Je bent dan genoodzaakt zo iemand met geweld de lijn uit zijn handen te rukken wil je nog iets van de aanlegmanoevre maken, stevig slaan met een pikhaak helpt dan ook wel bijvoorbeeld.
Over pikhaken gesproken. Ik heb jaren geleden in de sluis bij Cornwerderzand eens een pikhakengevecht gezien. Het was een vreselijk drukke dag tijdens het vakantieseizoen. Men moest uren wachten om geschut te worden. Dat had niet zo'n positieve invloed op het humeur van de wachtenden. Men raakte wat geïrriteerd. Persoonlijk vind ik wachttijden niet zo erg. Een goed boek, met een borrel fijn om je heen kijken is geen straf. Een aantal schippers hadden kennelijk een belangrijke afspraak want het was dringen en duwen geblazen op de momenten dat de deuren weer eens open gingen. Komt er een vent helemaal van achteren invaren en jopt zo de sluis in. Enfin, u weet wel hoe dat gaat als de meute een beetje geagiteerd is. “He jij ... Terug ... Ben jij nou belazerd !!” De snelle schippert negeerde al deze opmerkingen en knoopte fijn vast aan de muur. Iemand voer naar het brutaaltje toe en het raakte tot een handgemeen. U zult het niet geloven maar in "no time" stonden enige tientallen schippers met pikhaken op elkaar in te slaan. Het bekende vonkje in het kruidvat zullen we maar aannemen ……..
Mocht u ooit een plezierboot willen kopen neem dan van mij een goede raad aan ..... doe het niet. Er zijn goedkopere manieren om uzelf belachelijk te maken en het risico van een hartaanval tijdens het seizoen is niet ondenkbeeldig. Huur bijvoorbeeld fijn een klein boerderijtje in Frankrijk en geniet van zon en rust.